donderdag 27 mei 2010

en nog meer weddingpics voor de liefhebbers







Dansers uit Rwanda, omdat Lilian's moeder Rwandees was.


dinsdag 18 mei 2010

en dat is 1




En dan is het zover, stap 1 is gezet, vanmorgen - dinsdag 18 mei 2010, rond 10.15 uur. Voor Lilian is dit even tussen de bedrijven door. Mevrouw Beerda-Kente vindt de traditionele plechtigheid van zaterdag veel belangrijker en is daar razend druk mee. Maar zonder het papiertje dat we vandaag kregen, hadden we de feestelijkheden van zaterdag weer niet ondernomen. Van die dingen dus. Hopelijk na zaterdag wat enerverender beelden, maar wil jullie deze toch niet onthouden. Kun je meteen kennismaken met Plan en Beatrice (oudste zus Lilian)Mugisha, mijn nieuwe zwager en schoonzus die optraden als getuigen.

donderdag 8 oktober 2009

de vrouw en de koe


Hoeveel koeien is een vrouw waard? Vreemde vraag voor ons misschien, maar in Afrika heel gewoon. Een man die een vrouw wil huwen, moet daarvoor dokken. In Fries stamboekvee, als het even kan. Of Fries gemengd met Ankole, krijg je grappige koeien van, Bertha met zwart/witte vlekken en enorme horens.

Trouwen is sowieso een dure aangelegenheid hier, met alle traditionele ceremonies die nog trouw worden gevolgd door de meeste Afrikanen. De verschillende stadia gaan gepaard met feesten, waarbij vaak honderden mensen worden uitgenodigd. Kost elke keer een flinke partij bananen, (ook letterlijk, want bij elke gelegenheid moeten al die gasten natuurlijk ook matooke -bananenpuree- eten, een Oegandees kan niet zonder) waarvoor bruid, bruidegom en beide families zich vaak flink in de schulden moeten steken. Los van de kerk nog een reden waarom het scheidingspercentage hier zo laag ligt. Eerst is de Introductie, waarbij de bruidegom wordt voorgesteld aan de familie van de bruid. Als dat in orde is de Give Away, dan wordt de bruid weggegeven aan de familie van de bruidegom. Weggeven betekent in sommige zeer traditionele stammen letterlijk weggeven, de bruid ziet in principe haar eigen familie niet meer. Dan volgt het feitelijke huwelijk, maar het belangrijkste is dan eigenlijk al gebeurd.

Mijn collega (oud-stagiair van Netwerk) Arne gaat volgende week zaterdag in Kampala trouwen met Juliet, de introductie en de give-away is de dag ervoor. Wordt een dure grap voor Arne, want they don't come cheap, die Oegandeze schonen. Heb hem niet gevraagd hoeveel Fries stamboekvee het hem gaat kosten. Maar bij mij zijn de voorbesprekingen al begonnen. Ik ontmoet straks Beatrice de oudste zus van Lilian, die haar na het overlijden van beide ouders heeft grootgebracht. Hoeveel koeien is een vrouw waard? Beatrice en Lilian hebben me al uitgedaagd, er moet diep in de buidel worden getast. Zeker nu ze weten dat ik ook Fries bloed door m'n aderen heb stromen, dan moet dat stamboekvee toch geen probleem vormen. Zeker zes, heeft Beatrice al laten weten. Wil ik wel een garantiebewijs graag, was mijn antwoord.

vrijdag 4 september 2009

een naderend afscheid



In nog geen anderhalve week maak ik van dichtbij alle belangrijke stadia van het leven mee: een huwelijk en een introductie (belangrijke voorfase van het huwelijk), de geboorte van een kind en de dood van een vader. En mijn eigen afscheid nadert, van mijn werk voor de Rwenzori Anti Corruptie Coalitie wel te verstaan, want met het Eeuwige Afscheid wou ik nog even wachten, als u het niet erg vindt.

De dood is iets doodnormaals in een land waar de gemiddelde leeftijd de 50 niet overstijgt. Bijna elke week is er wel een begrafenis van een familielid of een naaste van een van mijn collega's. Maar toch. Afgelopen maandag overleed de vader van Angela, mijn coordinator bij RAC. Het was alsof ze het aanvoelde toen ze vrijdag haar familie aan de telefoon had. We reden terug van een afscheidslunch voor mij in Ndali Lodge bij de kratermeren hier in de buurt. Angela was kwaad op haar familie omdat haar zieke vader die ochtend toch nog haar moeder naar het werk had gebracht, zoals hij dat altijd trouw deed. Hoe hadden ze dat kunnen laten gebeuren? Haar vader was in de war geweest, de weg kwijtgeraakt en uiteindelijk pas na uren thuisgekomen. Drie dagen later overleed hij in de armen van Angela, die zich vrijdag naar Kampala had gespoed om bij hem te zijn.

Een week daarvoor werd mijn goede collega Augustine voor het eerst van zijn leven vader. Van een zoon: Ian Paul. Daar was een keizersnee voor nodig, iets wat hier in het ziekenhuis van Fort Portal gelukkig goed ging. Als het in Bundibugyo was gebeurt, betwijfel ik of het goed was gegaan. Ik ben daar laatst in hét ziekenhuis geweest voor een video waar ik mee bezig ben. De omstandigheden daar zijn allerbelabberst: Veel te weinig personeel, te weinig bedden en andere medische benodigdheden en een chronisch tekort aan medicijnen, die ofwel nooit geleverd ofwel gestolen worden.

Het weekend daarvoor had ik een introductie/give away van mijn naaste collega Alice. Ze wordt in een uitgebreide ceremonie, waarin zogenaamd nog wordt onderhandeld over de bruidschat, voorgesteld aan haar schoonfamilie. Eigenlijk is dit hét moment van het huwelijk, belangrijker nog dan de eigenlijke huwelijksvoltrekking, die in haar geval eind deze maand plaatsvindt. Alice en haar familie huilen veel die dag, omdat ze eigenlijk afscheid neemt van haar eigen familie en toetreedt tot een nieuwe. Voor traditioneel ingestelden is dat heel letterlijk, de dochters zien hun eigenlijke familie - niet meer terug, ook niet op het huwelijk zelf. Gelukkig voor Alice zijn ze bij haar familie niet zo streng in de leer. Het was een mooie, maar lange dag, daar in de buurt van Kasese, tegen het Queen Elizabeth National Park. De ceremonie was gepland voor 10 uur, maar begon uiteindelijk om kwart over drie, ook dat is Afrika.

De dag erop trouwde ons bestuurslid Emmy Manyindo, een leraar op een middelbare school in Fort Portal met wie ik de afgelopen maanden heel veel heb samengewerkt in radio talkshows. Schitterende ceremonie, veel pracht en praal, maar ik ben niet zo lang gebleven, die dingen duren me een beetje te lang.

En gisteren kwam een van onze monitors op borg vrij na een week in de cel in Bundibugyo. Hassan Kamoga moest tijdens de Ramadan vastzitten in een cel. Dat gun je niemand, zeker niet in Bundibugyo, the end of the world as we know it. Hij was opgepakt om een onbenulligheid, pure intimidatie, RAC-monitors maken makkelijk vijanden hier.

Ik heb nog een goeie week te gaan hier bij RAC en nog teveel dingen om af te ronden. En er komen voortdurend dingen tussendoor, een beetje planning is hier onmogelijk. Maar vanavond komt m'n meisje, die is net terug na 5 maanden London. Nog een weekje werken, afscheid nemen van mijn vrienden en collega's en dan met Lilian naar Zanzibar. Het leven is niet zo vervelend voor een muzungu in Fort Portal, voor wie het afscheid nadert...

dinsdag 7 juli 2009

zomer en vrienden

Het is zomer in Nederland. En hoewel het de laatste jaren niet heel erg wilde zomeren, schijnen de mussen nu van de daken te vallen. Mijn favoriete seizoen. Met vrienden op een terras of bij een strandtent tot laat in de avond. Kan ik geen genoeg van krijgen.
Hier is het altijd zomer, maar ook vroeg donker, rond 7 uur. De Oegandezen geloven me niet als ik ze vertel dat het nu 's avonds veel langer licht is in Europa en dat ik dat wel mis. Mijn vriendin Lilian wel, die merkt het nu zelf in London. En Angela, mijn coordinator die nu op studiereis is in Kopenhagen. Kan er niet van slapen. Heeft heimwee naar Oeganda, net als Lilian. Ik heb in dit soort tijden ook een beetje heimwee. Naar Nederland. Zeker als bijna al mijn vrienden op vakantie gaan naar Europa en elders. Vrienden maken het leven hier aangenaam, net als in Nederland natuurlijk. Maar hier hebben we een hechte gemeenschap, de vriendschappen zijn hier intenser, minder vanzelfsprekend. Je beseft goed dat je op elkaar aangewezen bent. Ik mis mijn vrienden als ik ze een paar dagen niet gezien heb.

Voor mij duurt het nog een paar maandjes en dan ga ik ook naar Europa. Voorgoed. Althans, voorlopig. Leef ik wel een beetje naar toe, ik merk dat ik me mentaal aan het voorbereiden ben. In oktober is het ook wel mooi geweest. Ga ik weer terug naar het land waar alles gewoon werkt en waar (bijna) iedereen zich aan afspraken houdt. Wat ik zal missen? De eeuwige zomer in Afrika en mijn vrienden.









zondag 31 mei 2009

Bundibugyo

We rijden door een prachtig berglandschap richting de westelijke uithoek van onze regio: Bundibugyo Town. Hier beginnen de befaamde Mountains of the Moon, het Rwenzori-gebergte dat de bijnaam dankt aan een oude Griekse ontdekkingsreiziger. Het is de hoogste bergketen in Afrika en je kunt je voorstellen dat ze inderdaad vanaf de maan of in ieder geval vanuit het ISS ruimtestation duidelijk te onderscheiden zijn. Hoewel de bergketen hier pas echt begint is het al indrukwekkend. De bergtoppen liggen verscholen in de nevel en daaronder liggen de valleien als comfortabele zachtgroene dekens. De Semliki-rivier kronkelt zich hier een weg, aan de andere kant doemen de donkere wouden van de Congo (DRC) op, een onheilspellend gebied waar het altijd oorlog lijkt. Maar het paradijselijke uitzicht van dit gebied verhult dat ook dit gebied nog recentelijk veel oorlogsgeweld (stammentwisten, rebellen) heeft gekend en dat het letterlijk een uithoek is, waar weinigen in Oeganda vrijwillig naar toe trekken. Hoewel al het groen anders doet vermoeden, is dit een arm en onderontwikkeld, zeg maar gerust achterlijk gebied, waar nog maar anderhalf jaar geleden het epicentrum lag van een dodelijke Ebola-epidemie. Het verhaal gaat dat die epidemie veroorzaakt werd doordat mensen hier en in het naburige Congo besmette apen aten. Dit is Bundibugyo District, een gebied dat (ruwe schatting) misschien zo groot is als ongeveer een derde van Nederland. 'The End of the World as we know it'.

Het regent zacht als we over een modderige weg langs diepe ravijnen richting Bundibugyo Town rijden, een WildWest-stadje dat binnenkort meer ontsloten hoopt te worden als de electriciteitsmasten eindelijk in gebruik worden genomen en de weg ernaar toe van asfalt wordt voorzien. Die plannen liggen er allang, maar dat zegt weinig in Oeganda. Maar goed, de masten staan er inmiddels en ik zie dat de katrollen met bedrading inmiddels Kasitu (op driekwart ongeveer) hebben bereikt. Dus dat stemt hoopvol. Dat werd ook wel eens tijd, want er is hier weinig om hoopvol over te zijn, behalve het mooie uitzicht misschien maar dat vult de maag niet. Aan internationale hulporganisaties lijkt geen gebrek, overal onderweg zie ik borden staan van Unicef, World Vision en hulpprogramma's van de Europese Unie (die vind je op de gekste plaatsen, maar vertel dat de EU-haters maar niet). De enkele tientallen overgebleven Batwa-pygmeeën in Ntandi profiteren daar waarschijnlijk relatief nog het meest van, het Westen heeft nu eenmaal z'n troetel-negertjes nodig. Vergeef m'n cynisme, maar het lijkt mij dat als je de pygmeeën- die nog altijd sterk worden gediscrimineerd - hier echt wilt helpen, je ze niet moet uitzonderen van de rest van de inheemse bevolking en je beter het gebied als geheel kunt helpen.

Tegen de avond bereiken we Bundibugyo Town. Hoewel het hemelsbreed (over de bergen) maar zo'n 20km van Fort Portal ligt, heeft de 75km over de modderige wegen door de bergen ons zo'n kleine 4 uur gekost. Ik ben met een delegatie van mijn organisatie RAC plus wat vertegenwoordigers van de pers. Doel is de Public Accountability Dialogue die we voor de volgende dag hebben georganiseerd. Het is een effectieve manier gebleken om politieke en ambtelijke leiders verantwoording te laten afleggen en het publiek de gelegenheid te geven (kritische) vragen te stellen aan die leiders. Ik heb nog ander motief om hier te zijn, los van het feit dat het de eerste keer is dat ik dit stoffige stadje bezoek. Bundibugyo District is een van de meest corrupte gebieden in het land. Gelukkig hebben we hier een stel zeer actieve monitors, die me onder meer hebben getipt op de armzalige toestand van het enige echte ziekenhuis, los van lokale hulpposten, in Bundibugyo. De 100 miljoen (ca 40.000 euro) die de regering voor de gezondheidszorg in dit gebied heeft gereserveerd, lijkt onderweg ergens te zijn blijven steken. Ik wil zien wat de gevolgen zijn en dat op video vastleggen.

's Avonds bezoek ik met twee monitors, Richard (oud-onderwijzer) en RAC district coördinator Kasuka, de 5 afdelingen van het ziekenhuis omdat ik heb gehoord dat de zorg dan nagenoeg afwezig is. Ongeveer 150 patienten liggen op deels zelf meegebrachte matrassen kriskras door elkaar. Het stinkt er, hier en daar liggen plassen (water, urine?) op de vloer en de afvoer van tenminste één van de spaarzame waterkranen is verstopt. Patienten vertellen ons dat ze niet alleen hun eigen eten en matrassen moeten meenemen, maar ook de medische hulpmiddelen (verbandmiddelen, injectiespuiten en infusen) buiten het ziekenhuis zelf moeten aanschaffen, omdat het ziekenhuis zonder zit. Maar zijn er dan tenminste doktoren en verpleegkundigen die ervoor zorgen dat je weer beter wordt? Op de 5 afdelingen die ik met de monitors bezoek zijn er welgeteld 3 verpleegkundigen die hun handen vol hebben en één supervisor. Een dokter is er niet. De enige medische assistent die de post voor extramurale patienten moet bedienen is zoals gewoonlijk absent, vertelt de bewaker. Ligt ergens dronken te wezen, vermoed Kasuka die hier vaker is geweest. Corruptie is veel meer dan het omkopen van een politieman of een ambtenaar. Een chronisch gebrek aan middelen, onderbezetting, absenteïsme en regelmatig diefstal door het eigen personeel van de spaarzame middelen die er wel zijn. Zo ziet corruptie er uit in dit ziekenhuis in Bundibugyo.

Het bezoek levert goede beelden op voor de video, Richard en Kasuka zijn als hoofdpersonen natuurtalenten. De volgende dag wil ik met ze terugkomen om het ziekenhuis bij daglicht te bezoeken. Dat lukt niet. Behalve dat de Public Dialogue veel te laat begint en we dus geen tijd meer hebben, is één van de hoofdpersonen er niet. Kasuka's nichtje van 17 jaar is de afgelopen nacht bezweken aan malaria. Omdat de medische hulppost die door de overheid moet worden bevoorraad met de meest essentiële medicijnen, niet beschikte over het eenvoudige middel dat haar leven had kunnen redden.

vrijdag 15 mei 2009

de tand van vincent

Vincent heeft de was niet opgehaald en is niet komen schoonmaken. Niets voor hem. Hij is er altijd en als hij niet kan, belt hij vantevoren om te vragen of het een dag later kan. Doet niemand hier, Oeganda is het land van de niet nagekomen beloften, de Oegandezen die hun afspraken altijd nakomen zoals Vincent, zijn de uitzondering.

Een dag later komt hij langs. Hij heeft gisteren een ongeluk gehad op z'n fiets, is over de kop gegaan en mist een tand. De vertrouwde big smile ziet er nu een beetje anders uit. Klopt niet, dat beeld. Hij is na het ongeluk na een tandartskliniek in de stad gegaan, waar ze het laatste restje tand hebben verwijderd. Goeie tandartsen zijn hier eigenlijk niet, althans niet naar onze normen. Vincent zijn onderlip is gezwollen.

We kunnen elkaar een hand geven. Ook mijn onderlip is nog enigszins gezwollen. Ook als gevolg van een ongeluk, twee dagen voor Vincent. Knalde met mijn motor bovenop een boda, of hij op mij, het is maar hoe je het bekijkt. Ik heb de boda-jongen wat geld gegeven voor zijn brommer. Hij deed erg zielig over de paar schaafwonden die hij had, maar dat was aanstellerij om er nog wat meer geld uit te slepen. Bij mij is er wat schade aan de motor, maar ik heb geluk gehad. Dikke lip, wat schaafwonden en een schouder die de dag erop flink stijf is en anderhalve week later nog niet helemaal de oude is. Maar niets gebroken. Ik heb een flinke smak gemaakt, maar droeg gelukkig een helm. De gevolgen zijn te overzien.

Bij Vincent valt het ook mee, maar hij heeft wel z'n kleine beetje spaargeld (50.000 shilling = 20 euro) moeten opmaken aan de verzorging in het ziekenhuis en de tandarts. Hij spaart om volgend jaar naar avondschool te kunnen gaan. Kan dat doen omdat ik hem goed betaal. Daarnaast zet ik ook wat geld voor hem opzij. Maar hij was trots op dat kleine spaarpotje. Dat nu dus weer helemaal leeg is. En hoe moet het nou met dat gapende gat in zijn gebit? Dat zal niet goedkoop zijn en hij heeft helemaal geen geld meer Voor 50.000 kan de tandarts hem een nieuwe aanmeten, weet Vincent. Maar die is van plastic. Voor 80.000 heeft hij een goeie neptand. Dat valt dus nogal mee. Ik zeg hem dat hij die goeie maar moet bestellen en dat ik het voor hem zal betalen. Want dat gapende gat in zijn mond, dat is geen gezicht.

We hebben allebei geluk gehad. Een ongeluk loopt hier vaak slecht af, het verkeer is hier letterlijk moordend. Vorige week is in Kyenjojo, ongeveer drie kwartier hiervandaan, een vrachtwagen een huis ingereden waarbij een slapende vrouw is omgekomen. Verkeersongevallen hebben inmiddels malaria ingehaald als doodsoorzaak nummer 1. Ik realiseer me dat eens te meer als ik twee dagen na mijn ongeluk het bericht krijg van de verkeersdood van een VSO-collega in Tanzania. Ze was hier een paar maanden geleden op bezoek. Een jonge (29), sprankelende vrouw, die op het punt stond om terug te keren naar Nederland. Ineens weg, door zo'n hufter van een buschauffeur die veel te hard rijdt en niet goed oplet. In Oeganda is dit ook aan de orde van de dag. Oeganda is na Ethiopie het land met de meeste verkeersdoden ter wereld, vorig jaar ruim 2000. En iedereen lijkt het maar heel gewoon te vinden. Hoewel ze in Kyenjojo na het ongeluk massaal de straat op zijn gegaan en een paar uur lang de hoofdweg Kampala-Fort Portal hebben geblokkeerd. Misschien dat het iets oplevert, waarschijnlijk niet.

dinsdag 28 april 2009

Lost

De muzungu is back en dat zal hij weten ook. You have been lost, zegt iedereen de afgelopen dagen tegen me. De kapper, de sigarenboer, de kruidenier, de bakker en zelfs de ober van het hotel, maar die zegt het bijna altijd, dus dat telt niet. Je bent 2 weken naar je thuisland en meteen ben je 'lost'.
Het is dus blijkbaar opgevallen dat die ketting rokende motor rijdende witte man er even niet was. Prettig om te horen, wel, je hoort blijkbaar toch bij het meubilair. How is that place?, vragen ze standaard als ik ze vertel dat ik in Nederland ben geweest om familie en vrienden te bezoeken. Beleefheidsvraagje. De meesten hebben geen idee waar Nederland ligt of hoe het daar is. Hebben ze daar ook leeuwen?, vroeg laatst een collega aan me.
Ik vertel dat het de laatste dagen heel warm was in Nederland en dat ik aan het strand ben geweest. Maar hoe kan dat nou, je hebt laatst foto's (van mijn broer Klaas) laten zien dat het daar zo koud was en dat ze er over water lopen. Ja, maar dat was winter en nu is het lente of eigenlijk een vroege zomer, want Moeder Natuur is de laatste jaren een beetje in de war. Ook hier in Oeganda trouwens, waar ze geen zomer of winter kennen, maar wel regenseizoenen. Zouden we nu middenin moeten zitten, vorige maand waarschuwde het Meterologisch Instituut nog voor een rampenscenario in april: hevige stortbuien en dramatische overstromingen, wat duizenden doden en honderdduizenden vluchtelingen zou kunnen betekenen. Maar de Afrikaanse Erwin Krollen zitten er dus ook wel eens naast. Geruststellende gedachte.
Het is eind april en het regenseizoen wil nog maar niet beginnen. De boeren morren, want het is heet en droog. Sinds ik terug ben (vorige week zondag) heeft het weliswaar een paar keer kort (en heftig) geregend, maar dat gebeurt het hele jaar door. In Rwimi, hier niet ver vandaan, klaagt de bevolking dat de waterbronnen opdrogen. Iedereen snakt naar de regen. Behalve die kettingrokende motorrijdende muzungu dan, die houdt het liever droog. Maar ja, die was dan ook een beetje 'lost'.

zondag 22 maart 2009

foto's van mijn housewarming











Housewarming op zaterdag 28 februari.

Onder mijn zus Margreet en zwager Marinus op de veranda van mijn nieuwe paleisje.

schoolreisje naar rwanda



foto 1: Voor het kantoor van Ombudsman Tito Rutaremara (naast mij, Angela voor mij);
foto 2: Rwanda, land van duizend heuvels.
Ik geneer me, zeg maar gerust: schaam me. We zijn een half uur te laat op de belangrijke afspraak op het Ministry of Local Government & Good Governance (goed bestuur) in Kigali, Rwanda. Yes, I'm embarrassed too, zegt mijn coordinator en teamleider tijdens dit werkbezoek, Angela. Dan moet je je excuses maken, zeg ik tegen haar, dit is in Oeganda misschien gewoon maar in Rwanda buitengewoon onbeschoft. Deze belangrijke mensen hebben voor ons tijd vrij gemaakt, dan heb je op tijd te komen. En als je excuses maakt, moet je het ook menen, zeg ik als ik zie dat ze het weglacht, enigzins gegeneerd omdat ik haar en plein public ter verantwoording roep, in aanwezigheid van de hele groep.
Angela en ik hebben met enige regelmaat aanvaringen, omdat ik gewoonlijk de enige ben die echt tegen haar in durft te gaan. Dat kan in mijn positie als VSO-er ook makkelijker natuurlijk. Maar het is ook een kwestie van mentaliteit, van hoe om te gaan met gezag. Mijn collega's zullen hooguit wat tegen sputteren als ze worden aangepakt door Angela, maar uiteindelijk volgen ze altijd gedwee wat de baas zegt. Ook als dat echt onzin is. Begrijp me goed, ik heb het grootste respect voor mijn coordinator en meestal als ze weer een van haar beruchte tirades houdt, heeft ze ook gelijk. Ze is buitengewoon scherp, heeft meestal een goed overzicht over wat er speelt en is de enige die echt goed kan analyseren. Maar ze is ook Miss Chaos Management aka Miss Just in Time. Alles moet altijd op het allerlaatste moment. En als we eindelijk weer eens gaan zitten voor een staffmeeting (waar ik voortdurend op aandring) en plannen voor de volgende weken, is ineens alles belangrijk en urgent en komen er 40 items op het werkplan te staan die natuurlijk ook allemaal meteen moeten worden uitgevoerd. Maar als alles urgent is, is uiteindelijk niets meer urgent en schieten we niet echt op.

Angela kan het hebben als ik tegen haar in ga, we roepen wat over en weer, maar een half uur later lopen we elkaar weer te dollen en liggen we onder de tafel van het lachen. Maar tijdens dit werkbezoek aan Rwanda, waar ik weken mee bezig geweest ben om het uberhaupt voor elkaar te krijgen, laat ze het afweten. De teamleider is er vaak niet als ik met haar wil overleggen omdat het programma moet worden aangepast. Ik neem dus de beslissingen, waar zij het dan achteraf niet altijd mee eens is. Tough, moet je er maar zijn. We botsen ze vaak tijdens dit bezoek en zij klaagt voortdurend. Pas op de vierde dag als ze weer terug zijn in Oeganda en op weg naar Kampala, zegt: ze welgemeend: dankjewel, het was een goed werkbezoek, ik weet hoe druk je hiermee geweest bent.

Het was ook een goed werkbezoek, we hebben belangrijke mensen gesproken in het land dat voor de rest van Afrika een voorbeeld is van goed bestuur, van hoe het ook kan. Rwanda krijgt wel kritiek dat ze wetten en bestuursmaatregelen nogal rigoreus invoert en dat daarbij individuele rechten wel eens geschonden worden en die kritiek moet ook kunnen. Maar het land heeft zich na de Genocide van 1994 – waarbij meer dan een miljoen mensen werden afgeslacht – weer helemaal opnieuw moeten opbouwen en lijkt daar in 15 jaar tijd uitstekend in geslaagd. En dan kun je beginnen over multi-partij democratie en vrije pers (gevoel punt voor mij), maar de vraag is of een fragiele staat waar zich net zo'n allesoverheersend drama heeft voltrokken, zich dat al wel kan permitteren. Op de tweede dag van ons bezoek krijgen we van een van de machtigste mannen in het land, Ombudsman Tito Rutaremara, het Rwandese recept voor corruptiebestrijding: zero tolerance, niemand ontzien (ook de politieke en ambtelijke top niet) en een hele sterke politieke wil. En het werkt, moeten ook de critici van Rwanda toegeven. Waarom het bij Museveni (president Oeganda) bij woorden blijft en Kagame (van Rwanda) het echt voor elkaar krijgt, schreef de vooraanstaande Oegandeze journalist Andrew Mwenda laatst. En zo is het. Oeganda heeft op papier prachtige wetten, maar implementeert of handhaaft ze nauwelijks of helemaal niet. Rwanda wel, rigoureus, als het moet met harde hand.

Het werkbezoek aan Rwanda heeft me een hoop zweetdruppels en kopzorgen gekost, maar het was de moeite waard. Maar ook een schoolreisje met 18 deelnemers en de muzungu als bovenmeester.